fiscalistenonline.nl: Hoofdlijnen van de voorgenomen belastingherziening
Lees voor het aanmelden de voorwaarden.

Hoofdlijnen van de voorgenomen belastingherziening

Het kabinet heeft op 15 juni een akkoord – op hoofdlijnen – bereikt over de voorgenomen belastingherziening. Dat akkoord omvat drie pakketten met maatregelen. Pakket 1 biedt een lastenverlichting op de kosten van arbeid van zo’n 5 miljard, 35.000 extra banen, en voor een werkend huishouden een voordeel van circa € 800. Het kabinet wil dat pakket maatregelen sowieso doorvoeren, ook zonder steun van andere politieke partijen. Pakket 2 omvat een verdergaande lastenverlichting op arbeid, goed voor nog eens 25.000 extra banen op termijn. Dat pakket omvat het afschaffen van het lage BTW-tarief (met uitzondering van voedingsmiddelen) en een meer gelijke behandeling van eigen en vreemd vermogen. Pakket 3 biedt gemeenten de mogelijkheid om meer belasting te gaan heffen. Het kabinet zoekt voor de twee laatste pakketten wél een breder politiek draagvlak.

Staatssecretaris Wiebes van Financiën heeft de plannen voor de komende herziening van ons belastingstelsel in drie pakketten onderverdeeld. Pakket 1 biedt een lastenverlichting voor werkgevers en werkende huishoudens, en dat gunstige effect gaat niet ten koste van de koopkracht van niet-werkenden. Het kabinet acht dit pakket zo aantrekkelijk dat zij er op rekent dat dit pakket sowieso voldoende steun zal krijgen in de Haagse politieke arena. Voor de pakketten 2 en 3 ligt dat anders: die bevatten meer ingrijpende maatregelen waarvoor een breder politiek draagvlak wenselijk of noodzakelijk is. 


Pakket 1 biedt voordelen voor werkgevers, werkenden en voor mensen met een lager inkomens. Het biedt op termijn 35.000 extra banen, en gemiddeld € 800 belastingvoordeel voor werkende gezinnen. Die gaan er gemiddeld 1,5% tot 3% in koopkracht op vooruit, terwijl de koopkracht van niet-werkenden stabiel blijft. 

Dit pakket omvat de volgende maatregelen:

• een lastenverlichting op de kosten van arbeid van 5 miljard;
Deze lastenverlichting is uitgewerkt in de volgende voorstellen:

  • verhoging van de inkomensafhankelijke combinatiekorting (IACK) en de kinderopvangtoeslag, elk met € 250 mln., om de arbeidsparticipatie van ouders met jonge kinderen te bevorderen;
  • een loonkostenvoordeel voor werkgevers om het aannemen van mensen met een lager inkomen aantrekkelijker te maken (kosten € 500 mln.);
  • intensivering van de arbeidskorting voor inkomens tot € 50.000 (kosten € 2,5 mld.);
  • verlaging van het IB-tarief in de 2de en 3de schijf met 2 punten (kosten € 2,7 mld.);
  • verhoging van het startpunt van de 52% schijf in de inkomstenbelasting (kosten € 0,9 mld.);
  • een volledige afbouw van de algemene heffingskorting (opbrengst 2,1 mld.).
  • vereenvoudiging van het belastingstelsel;
  • een dejuridificering van de heffing en inning van belastingen;
  • een nieuwe financieringssystematiek voor de kinderopvangtoeslag.

• aanpassing van de vermogensrendementsheffing;
De heffing in box 3 blijft gebaseerd op een forfaitair rendement, maar dat rendement zal per vermogenstitel – een spaarrekening, aandelenportefeuille, onroerend goed – gedifferentieerd worden vastgesteld. Dat rendement zal periodiek worden getoetst en herijkt op basis van de in de markt gerealiseerde rendementen. Het kabinet studeert nog op mogelijkheden van tegenbewijs. Het tarief blijft 30%.

• herziening van de autobelastingen;
Deze voorstellen zijn uitgewerkt in de Autobrief II. Zie elders in dit nummer van BelastingBelangen Autobrief II: de autobelastingen in 2017-2020.

• aanpakken belastingontwijking van DGA’s door emigratie;
Het kabinet onderzoekt de mogelijkheden om fiscaal gedreven emigraties door directeuren-grootaandeelhouders te bemoeilijken om belastingontwijking tegen te gaan. 

Staatssecretaris Wiebes wil een voorstel voor pakket 1 op Prinsjesdag afgerond hebben. Een deel van de voorstellen kan mogelijk al meegenomen worden in het Belastingplan 2016.

Pakket 2 en pakket 3 omvatten maatregelen om tot een verdere verlaging van de kosten op arbeid te komen. Het kabinet kiest hier voor maatregelen waarvoor een breder politiek draagvlak is vereist. Deze maatregelen bieden zicht op nog eens 25.000 extra banen, en bij een optimale mix gaan werkende huishoudens gemiddeld niet € 800 maar tot € 2.000 minder inkomstenbelasting per jaar betalen.

Pakket 2 omvat de volgende maatregelen:

• het schrappen van het 6% BTW-tarief, behoudens voor voedingsmiddelen;
Het voeren van een verlaagd en algemeen BTW-tarief leidt tot complexiteit: harmonisatie van de tarieven leidt tot een minder problematische uitvoering en een aanzienlijke welvaartswinst. Uniformering van het BTW-tarief is zinvol als de opbrengst daarvan volledig én gelijktijdig wordt teruggesluisd zodat burgers er per saldo niet op achteruitgaan én het tot meer werkgelegenheid leidt. Voedingsmiddelen blijven onder het verlaagde 6% tarief; dat geldt ook voor voedingsmiddelen in de horeca.

• een meer gelijke behandeling van eigen en vreemd vermogen
De vergoeding over vreemd vermogen – rente – is bij de fiscale winstbepaling aftrekbaar, de vergoeding over eigen vermogen – dividend – niet. Het kabinet ziet mogelijkheden om de fiscale behandeling van eigen en vreemd vermogen meer gelijk te trekken, en de opbrengst daarvan aan te wenden voor een verlaging van het tarief van de vennootschapsbelasting.

• verdere vergroening van de belastingheffing
Nederland staat in de top-3 van landen met de hoogste milieubelastingen. Het minder degressief maken van de energiebelasting op elektriciteit levert geld op en dat kan worden ingezet voor de vermindering van de lasten op arbeid.

Pakket 3 beoogt het verruimen van het gemeentelijk belastinggebied.

Nederland heeft van alle OESO-landen het laagste aandeel aan decentrale belastingen. Als gemeenten een grotere verantwoordelijkheid zouden krijgen voor de eigen inkomsten, met een bijbehorend ruimer belastinggebied, versterkt dat de gemeentelijke democratie en kunnen de lasten op arbeid extra worden verminderd. Een verruiming van het gemeentelijk belastinggebied kan uitkomen op een bedrag tussen € 2 en 4 mld. per jaar waardoor de lasten op arbeid met een vergelijkbaar bedrag verder kunnen worden verlaagd. 

Commentaar
Dit pakket aan maatregelen kan niet als een herziening van ons belastingstelsel worden aangemerkt. Zo er al grootscheepse wijzigingen worden voorgesteld, dan zitten die in pakket 2 en 3, en die gaan het niet redden. Die voorstellen, en met name de uniformering van het BTW-tarief, zijn direct afgeschoten door zowat alle andere politieke partijen dan de twee coalitiepartners. Het benodigde bredere politieke draagvlak komt er niet, en daarmee is het lot van pakket 2 en 3 bezegeld. Pakket 1 komt er wel, ondanks een wat nare aanpassing van de box 3 heffing. Dit pakket biedt voordeel voor werkgevers, voor werkenden, en voor lage inkomens. In Den Haag kan niemand het zich permitteren om daar tegen te zijn. Bron: Belastingbelangen

Eerder geplaatste artikelen

Tweede Kamer keurt Belastingpakket 2017 goed
De Tweede Kamer heeft het Belastingpakket voor 2017 aangenomen. Er zijn echter nog wel een aantal wijzigingen aangebracht. Zo zal het percentage van de energie-investeringsaftrek met 2,5 procentpunt w...
Lees meer...
ANPR: ondeugdelijk bewijs privégebruik auto
Hebt u een geschil met de Belastingdienst over de bijtelling privégebruik auto? Verwerpt de inspecteur uw kilometeradministratie omdat uw auto op tijden en plaatsen is geflitst die niet overeen...
Lees meer...
De WKR kent vele fiscaal voordelige toepassingen, voor werkgevers én werknemers, kent u ze?
Op dinsdag 31 mei organiseert BelastingBelangen in samenwerking met de Auxilium Adviesgroep de cursus De werkkostenregeling: Optimaal toepassen. Hans Zwagemaker, hoofdredacteur van BelastingBelangen...
Lees meer...
Hier klikken